Een brief van Gerard Reve


Brief Gerard Reve

5 Maart 1986.
Aan Mevrouw
Elly de Waard
Egmond Binnen


Beste Elly,

De idee, waarvan ik je deelgenoot wil maken,
is zo gek nog niet.
Wie, als de prijs aan een man wordt toegekend, zoude
in aanmerking moeten komen voor de Anna Bijns Prijs?
Geen pornograaf, en niet iemand die de lichamelijke
erotiek profaneert, maar iemand die aan de grootheid
van de Vrouw recht doet.
Welnu, lees eens de bladzijden 8 en volgende, in het
bizonder de conclusie op bladzijde 13, van mijn boek
Zelf Schrijver Worden, over de beslissende rol van
de vrouw in het leerstellig Godsbeeld van de Rooms-
Katholieke Kerk die Haar, als Smekende Almacht, op
de troon van het heelal plaatst. Ik ben vermoedelijk
de eerste, die hierop wijst.
Voorts vestig ik je aandacht op de hoofdstukken
V t/m XIV (blz 42 t/m 122) van Oud En Eenzaam.
Ik geloof niet dat ooit een man in de Nederlandse
literatuur zulk een teder portret van een vrouw
(in dit geval de Engelse Jane) heeft geschilderd.
Maar er zit in mijn advies ook een politieke betekenis:
als de feministische beweging zich kan verzekeren
van de medewerking van de vooraanstaandste
Nederlandse schrijver, dan zal zij op haar weg
naar de zege onoverwinnelijk blijken: ‘Als
Gerard Reve met ons is, wie zal dan tegen zijn?’
Je kent de genoemde boeken natuurlijk wel, maar
misschien bevinden ze zich niet in je bezit. Op
verzoek zend ik ze je omgaand toe.
God zegene je, lieve meid. Ik noem mij je

                                                    Gerard Reve